Wanneer ik de aula binnenloop om het levensverhaal dat ik dadelijk zal uitspreken op het katheder te leggen is het nog stil. Ik begroet de aulamedewerker die de muziekapparatuur controleert, de uitvaartverzorger die de laatste bloemstukken rond de overledene plaatst en begeef me dan naar de familiekamer. Ik begroet de familie die ik de afgelopen dagen beter heb leren kennen en bied aandacht en een bemoedigend woord. Nog even en de ceremonie kan beginnen.

Iedere plechtigheid is bijzonder op zijn eigen manier, net zoals ieder mens van wie afscheid wordt genomen speciaal is. De levensverhalen die ik noteer aan de hand van herinneringen aan de overledene zijn stuk voor stuk uniek. Zo heb ik uitvaarten begeleid van stevige rockers, van zeer oude mensen, van Baghwan-volgelingen, van gedetineerden, van kinderen, van mensen die zelf voor de dood hebben gekozen, van niet levensvatbare baby’s en van pubers met, naar zij hebben gedacht, nog een heel leven voor zich. Werkelijk, als we één ding van de dood kunnen zeggen dan is het dat er geen enkele vorm van discriminatie aan te pas komt. De dood treft ons allemaal.

Juist dat gebrek aan discriminatie is voor mij aanleiding geweest me aan te melden als humanistisch uitvaartbegeleider. Als humanist onderschrijf ik van harte de stelling ‘zelf denken, samen leven’. Bij het humanisme zoals ik dat beleef hoort ook dat mensen verantwoordelijkheid dragen voor hun leven zonder zich ergens achter te verschuilen. Mijn hele leven ben ik al geboeid door wat mensen beweegt. Waardoor worden zij beïnvloed? En hoe zijn de keuzes die zij in hun leven hebben gemaakt tot stand gekomen? 

Wanneer er een melding van overlijden komt maak ik een afspraak met de familie voor een gesprek dat zo’n twee uur in beslag neemt. Soms spreek ik met een enkele partner terwijl er bij een ander gesprek mogelijk wel dertien mensen om de tafel zitten. Tijdens deze ontmoetingen komen herinneringen en anekdotes naar voren vanuit verschillende invalshoeken. Door goed te luisteren en soms een verdiepende vraag te stellen krijg ik de informatie die nodig is voor een levensverhaal. Steeds opnieuw kom ik tot de conclusie dat dit leven – het leven van deze ene mens – alleen maar op deze manier geleefd heeft kunnen worden. Ik stel me dienstbaar op en schrijf in de dagen die volgen zonder oordeel het In Memoriam dat bij dit unieke leven past. 

Ieder levensverhaal komt nog beter tot zijn recht doordat ik bruggetjes maak aan de hand van een tekst op de rouwkaart of de muziek die gekozen wordt. Daarnaast plaats ik graag dit individuele verhaal binnen een grotere context in de regionale, landelijke of zelfs wereldgeschiedenis omdat het leven van die ene man, vrouw of kind op die manier nog meer betekenis krijgt.  

Het komt voor dat families bepaalde geheimen het liefst onbesproken laten. Toch vraag ik om te vertrouwen en te vertellen hoe dingen zich hebben afgespeeld en dat ik het als mijn taak zie om de juiste woorden te kiezen. Woorden die recht doen aan de geschiedenis van de overledene en diens omgeving zonder hun vertrouwen te beschamen. Achteraf blijkt vaak dat er ruimte ontstaat door het taboe op te heffen.

Bovendien, familie heeft altijd het recht om onjuistheden in de tekst aan te geven. Als het verhaal klaar is stuur ik het concept ter goedkeuring toe - in andere gevallen lees ik het voor - en als het nodig is pas ik de tekst aan. Pas wanneer het verhaal naar tevredenheid is print ik het, en vooral, spreek ik het uit tijdens de afscheidsceremonie. Soms hoor ik een snik en soms klinkt er zacht lachen omdat de overledene uit het verhaal herkend wordt. Dan weet ik dat ik mijn werk goed heb gedaan…

‘Hoe wil jij graag herinnerd worden...?’  Die vraag stel ik weleens wanneer het in een gesprek over de dood gaat. Als antwoord komen er allerlei positieve menselijke eigenschappen naar voren. Dat is natuurlijk prima en tegelijk ook enigszins onrealistisch. Het is immers zo dat wij als mens zowel mooie als lelijke kanten in ons verenigen. Mijn doel als humanistisch uitvaartbegeleider is een zo compleet mogelijk beeld te schetsen van de overledene. Een beeld dat recht doet aan de essentie van deze ene mens èn een beeld waarin de nabestaanden hun geliefde makkelijk herkennen. 

Ik heb het gevoel dat alles wat ik tot nu toe in mijn leven heb ervaren bijdraagt aan mijn taak als humanistisch uitvaartbegeleider. Een taak die ik – net als mijn collega’s – met liefde vervul. 

 

 

 

 

 

Reageer op dit bericht